Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de footer

V&A 23-002 Staffelbesluit pensioenen, onderdeel 4 onder g

Dit V&A 23-002 behandelt de vraag of per 1 januari 2024 een gelijkblijvende beschikbare premie in het huidige fiscale regime als gevolg van de wettelijk voorgeschreven daling van de toetredingsleeftijd van 21 jaar naar 18 jaar, op dat moment dient te worden aangepast, terwijl de pensioenregeling nog niet voldoet aan het nieuwe pensioenstelsel van de voorgestelde Wet toekomst pensioenen.

Inleiding

In het besluit van 20 december 2019, nr. 2019-21333 (hierna: het Staffelbesluit) is in bijlage I, onderdeel 4 onder g opgenomen dat de premie bij een beschikbare-premieregeling mag worden uitgedrukt in een vast bedrag of een vast percentage van de pensioengrondslag. Hierbij mogen partijen voor de beoordeling van het vaste bedrag of het vaste percentage uitgaan van de premie voor de leeftijdsklasse 20- tot en met 24-jarigen. Als de jongste werknemer 25 jaar of ouder is, is de premie ten hoogste gelijk aan de premie voor de leeftijdsklasse waartoe de jongste werknemer behoort.  

Vraag

In het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen wordt de wettelijk maximale toetredingsleeftijd voor pensioenopbouw verlaagd van 21 jaar naar 18 jaar (Kamerstukken EK, 2022-2023, 36 067, B, artikel I, onderdelen Ca en H, eerste en derde onderdeel). Wanneer het wetsvoorstel wordt aangenomen, zal de verlaagde toetredingsleeftijd met ingang van 1 januari 2024 in werking treden.

Mogen partijen vanaf 1 januari 2024 bij toepassing van het huidige fiscale regime (tot uiterlijk 1 januari 2027), bij het vaststellen van een vast bedrag of vast percentage van de pensioengrondslag nog steeds uitgaan van de premie voor de leeftijdsklasse 20- tot en met 24-jarigen?

Antwoord

Ja,  in dit geval hoeft de pensioenregeling niet te worden aangepast vanwege de lagere maximale toetredingsleeftijd van 18 jaar.

In bijlage I, onderdeel 4 onder g van het Staffelbesluit is opgenomen dat indien sprake is van een beschikbare-premieregeling met een premie uitgedrukt in een vast bedrag of een vast percentage van de pensioengrondslag, mag worden uitgegaan van de premie voor de leeftijdsklasse 20- tot en met 24-jarigen. De premie voor die leeftijdsklasse geldt vanwege deze aanwijzing in het Staffelbesluit ook voor deelnemers die jonger zijn dan 20 jaar en hierdoor hoeft voor het leeftijdscohort 18-19 jaar in deze situatie geen aanpassing plaats te vinden.

Deze aanwijzing geldt alleen, indien sprake is van een beschikbare-premieregeling met een gelijkblijvende premie. In geval van een beschikbare-premieregeling met een stijgende premiestaffel, kan voor het leeftijdscohort 18-19 jaar niet worden uitgegaan van het staffelpercentage voor het leeftijdscohort 20-24 jaar. Het staffelpercentage voor het leeftijdscohort 18-19 jaar dient te worden vastgesteld op het (lagere) percentage dat bij dit leeftijdscohort hoort.

Bijlage I, onderdeel 4 onder g van het staffelbesluit is tevens niet van toepassing in geval van een beschikbare-premieregeling met een stijgende premiestaffel, waarbij de werkgeverspremie bestaat uit een gelijkblijvende premie en de werknemer vrijwillig kan bijsparen tot maximaal de percentages van een stijgende premiestaffel.

Deel deze pagina

Op deze pagina