Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

V&A 26-001 Aanwenden pensioen in eigen beheer ter verkrijging van een lijfrenteproduct

Dit V&A 26-001 behandelt de vraag of een in eigen beheer gehouden pensioenaanspraak zonder fiscale gevolgen kan worden aangewend ter verkrijging van een lijfrenteproduct.

Inleiding

Op 1 april 2017 is de Wet uitfasering pensioen eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen in werking getreden. Sindsdien is een eigenbeheerlichaam geen toegelaten verzekeraar meer, als bedoeld in artikel 19a van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB). In artikel 38n Wet LB is overgangsrecht opgenomen. Op grond van dat artikel blijven voor een in eigen beheer verzekerde pensioenaanspraak de artikelen 18h, 19a, 19b, 19c, 19d en 38j, Wet LB alsmede de daarop gebaseerde bepalingen, zoals die artikelen en bepalingen luidden op 31 december 2016, van toepassing.  

Vraag

Een DGA heeft zijn pensioenaanspraak in eigen beheer niet omgezet in een aanspraak ingevolge een oudedagsvoorziening (ODV), als bedoeld in artikel 38p Wet LB. De DGA wenst de Pensioen BV op te heffen en de opgebouwde pensioenaanspraken af te storten in een lijfrente, als bedoeld artikel 3.125 van de Wet IB 2001 of een lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht als bedoeld in artikel 3.126a van die wet (lijfrenteproduct).

Kan een in eigen beheer gehouden pensioenaanspraak zonder fiscale gevolgen worden aangewend ter verkrijging van een lijfrenteproduct? 

Antwoord

Nee, een in eigen beheer gehouden pensioenaanspraak kan niet zonder fiscale gevolgen worden aangewend ter verkrijging van een lijfrenteproduct.

Toelichting

Wet LB

Wanneer een pensioenaanspraak in eigen beheer wordt aangewend ter verkrijging van een lijfrenteproduct, is die pensioenaanspraak niet langer als zodanig aan te merken. Er is dan sprake van een afkoop. Op grond van artikel 19b, eerste lid, onderdeel a, respectievelijk onderdeel b, Wet LB (tekst 31 december 2016), wordt de pensioenaanspraak, op het moment onmiddellijk voorafgaand aan de aanwending, aangemerkt als loon uit een vroegere dienstbetrekking. Daarnaast is op grond van artikel 30i van de Algemene wet inzake rijksbelastingen revisierente verschuldigd van maximaal 20%.

Wet IB 2001

De waarde van de pensioenaanspraak kan niet worden aangemerkt als een uitgave voor een inkomensvoorziening als bedoeld in artikel 3.124, dan wel artikel 3.126a van de Wet IB 2001. Er bestaat geen overgangsbepaling met betrekking tot de aanwending van een pensioenaanspraak in eigen beheer ter verkrijging van een lijfrenteproduct, zoals dat overigens wel ten behoeve van de ODV is geregeld in artikel 10a.18, vierde lid, van de Wet IB 2001.

Deel deze pagina